Sabotage-acties
De groep Van den Broek kreeg op 8 september de opdracht om de spoorlijn Amsterdam-Enschede op te blazen. De aanslag werd bij het Aanschotergat gepleegd door de geheim agent Lodewijk de Dikke geholpen door Harm Horlings, Klaas van den Broek en Ab Kamphuis. Er werd een groot gat in de lijn geslagen. Eigenlijk zou Van Hunen (de commandant van de groep Garderen) ook mee. Deze liet het echter afweten. Later verantwoordde hij zich door te stellen dat hij naar een vergadering in Barneveld moest.
Opmerkelijk is dat deze aanslag ontbreekt in de spoorweg- rapporten. Een dag later moesten Jan van den Broek, Hendrikus Hendriks, Matheus Lorenzini, Bep van Harten en Jo de hoofdtelefoonkabel Amersfoort-Deventer bij Tolnegen onklaar maken. Bep en Jo (twee leden van de RVV) werden voor deze actie speciaal aan de groep toegevoegd. De opdracht kwam van Piet van de Veluwe.
Het dagboek van de verzetsgroep: ,,De kabel lag dicht langs de weg, die zeer druk bereden werd. Het was dan ook een heidens karwei om de kabel bloot te leggen. Deze lag namelijk ongeveer 1,60 meter onder de grond. Om de tien minuten moesten de jongens zich verstoppen. Na een paar uur lag de kabel bloot en werd de lading voorzien van een tijdpotlood (een soort van tijdklok waardoor de lading twaalf uur later zou moeten exploderen) aangebracht."
De mannen gingen vervolgens naar huis waar Alie, de vrouw van Jan van den Broek een enorme stapel pannekoeken klaar had staan voor de hongerige mannen. Daar kwam ook de groep van de sabotage op de spoorbaan. Na het eten gingen ze om beurten naar huis, bodewijk ging mee met Hendriks. Onderweg kwamen deze twee een Duitse deserteur tegen. Het was een 19-jarige jongen, Rudi Scholz, van negentien jaar van de Hermann Göringdivisie. Hendrikus Hendriks: ,,We kwamen van de Blokhut af toen we op het pad iets zagen. Het was hartstikke donker. Lodewijk sprong bij het zien van de Duitser van de fiets, riep ,,Hande hoch" en nam hem gevangen." Toen Wim Prins en Joop Brood de volgende morgen bij Jan kwamen, vertelden zij over de gevangene. Joop ondervroeg hem. Zijn oordeel was, dat Rudi onbetrouwbaar was en hij stelde voor hem dood te schieten. Harm verbood dit echter. Hij stelde, dat hij de jonge Duitser best kon gebruiken. De deserteur heeft vervolgens enige tijd in 'De Blokhut' (het huis van Jan) ondergedoken gezeten.
Eén van de dingen die deze Rudi in ieder geval voor het verzet heeft gedaan was het maken van een schets van het onderkomen van Adolf Hitler. Hij deed dit op aandringen van mevrouw Pouw, de vrouw des huizes in de Enny's Hoeve in Voorthuizen. Rudi verbleef daar enige tijd. Hij een tijdje als bewaker dienst gedaan bij de verblijven van de Führer. Hij gaf de tekening begin oktober aan Piet Oosterbroek, de leider van een Puttense verzetsgroep. Deze gaf de tekening aan de geheim agent Captain King (de Belg Gilbert Sadi Kirschen). Per postduif is de schets naar Engeland verstuurd. Voor zover bekend hebben de Engelsen niets met deze schets gedaan. Klaas Friso zegt in zijn boek dat wel is verondersteld dat deze schets afkomstig was van de overval op de Oldenallersebrug. Friso bevestigt bovenstaande lezing." Lipmann Kessel stelt in zijn boek dat de tekeningen buit zijn
gemaakt tijdens de overval: ,,Ze hadden toen een stafauto in
een hinderlaag gelokt en drie officieren van de Luftwaffe neergeschoten.
In de zakken van één hunner hadden ze een
merkwaardige vondst gedaan: maar liefst een gedetailleerde
plattegrond van Hitlers hoofdkwartier in Löschen in Oost Pruisen."