Ned. Hervormde Kerk te 'Vorthusen'

Volgens overleveringen is: 'het bestaan van een kapel te Voorthuizen het eerst aangetroffen in een giftbrief van het jaar 1031. Deze kapel ressorteerde onder de kerk van Putten, die gewijd was aan St. Pancratius. Een schenking in 1146 door Paus Eugenius de III en andermaal in 1183 door Paus Lucius werd bevestigd'. In het begin van de 16e eeuw bevonden zich in de kerk 3 altaren: een van St. Comelius, een van Onze Lieve Vrouwe-gilde en een van St. Anthonius. Dit was dus in de tijd vóór de kerkhervorming. De kapel had een lengte van 16 passen en een breedte van 8 passen. In 1865 werd ze gesloopt. Uit de oude geschriften blijkt wel dat het gebouw vrijwel geheel bouwvallig geweest moet zijn. De kostbare beelden van het Christus-hoofd en van Maria, werden afgestaan aan het oudheidkundig museum te Barneveld.

Op 18 maart 1866 werd het nieuwe gebouw in gebruik genomen, bij welke plechtigheid ds. W. Mense sprak over 'de vernieuwing des tempels'.

In 1876 werd een uurwerk aangebracht.

Het orgel van de Ned. Hervormde Kerk, gebouwd in het jaar 1878.

De Ned. Hervormde Zangvereniging 'De Lofstem' tijdens een concours, onder leiding van de dirigent, de heer E. Polhout uit Putten.

De jonge Aldert Hoeksema, 

die later dominee werd. Op de achtergrond de Hervormde pastorie.

Pastorie-kerkgezicht aan de Putterweg. Nu de Kerkstraat.

Onder de kerstboom 

bij dominee Van Voorthuysen werden gezellig met het gezin liederen gezongen.