DE SCHOOL MET DEN BIJBEL

Zodra dominee Van den Bergh op 12 oktober 1884 zich aan de gemeente Voorthuizen verbond, werd reeds dadelijk gewezen op de noodzakelijkheid van Christelijk onderwijs.
Toen enkele weken later de schoolstrijd in volle hevigheid losbarstte, werden de wensen van de gemeenteleden ten aanzien van dit onderwijs steeds duidelijker. Al spoedig begon men bijdragen voor het Christelijk onderwijs op een aparte rekening te zetten zodat er in april 1885 al een bedrag van f 200,- bijeen was. Op 17 augustus 1885 werd een speciale kollekte voor dit doel gehouden, die in Voorthuizen f 108,48 opbracht, in Zwartebroek f 72,41 , Zeumeren f 42,65, Harselaar f 29,92 en onder. de leden van de Gereformeerde Jongelingsvereniging f 5,-. Totaal f 258,47.
Op maandag 7 september 1885 werd besloten een schoolvereniging op te richten. De eerste school zou echter in Zwartebroek moeten worden gebouwd in verband met de slechte toestand van het openbaar onderwijs aldaar.

Eind oktober 1885 werden de ontwerp-statuten van de vereniging rondgestuurd en kort daarna vastgesteld. Op 18 november 1885 werd het bestuur gekozen: voor Voorthuizen waren dit, de heren dr. W van den Bergh en G. van Voorst; voor Zeumeren: A. Hooyer; voor Harselaar: E. van den Brink en voor Zwartebroek: W. van den Brink, H. Brouwer, J. van 't Hoff en T. Wallenburg. In juni 1886 werden de statuten Koninklijk goedgekeurd; er was inmiddels f 3.300,- in kas. Spoedig daarna, op 20 januari 1887, kon de school in Zwartebroek al worden geopend. De eerste hoofdonderwijzer hier was de heer A. Ouwehand.
In Voorthuizen begon de School met de Bijbel onder leiding van de uit De Meern afkomstige hoofdonderwijzer G. A. van den Berg op 13 februari 1888 te draaien.
In afwachting van het gereedkomen van een eigen schoolgebouw, werden de lessen gegeven ih een tijdelijk daartoe ingericht woonhuis aan wat vroeger de Kattesteeg heette. Werd het huis trouwens niet de .Kuukesloop'' genoemd? Met 45 leerlingen in een klein, bedompt lokaal, begon meester Van den Berg zijn werkzaamheden. Nadat per 1 mei 1888 het aantal leerlingen op 59 was gekomen, moest met het oog op de ventilatie tweemaal per dag met de leerlingen worden gewandeld! De enige ruimte voor de berging van de weinige leermiddelen was een oude bedstede.

Dat er snel een definitief schoolgebouw moest komen, was duidelijk. Gemeentearchitekt Haanschoten uit Barneveld maakte een begroting voor een tweeklassige school, totale kosten f 3.293,20. Bij de onderhandse aanbesteding, die begin februari 1888 werd gehouden, werd het metselwerk gegund aan G. van den Brink voor f 2.155,-.
Op 16 april 1888 werd de eerste steen van het nieuwe schoolgebouw aan de Kerkstraat gelegd. Eind juni was de school al bijna gereed. De redakteur van de Barneveldsche Cqurant, kennelijk geen aanhanger van de Gereformeerde Kerk, schreef er het volgende, wat badinerende artikeltje over: ,, De doleerende kerk, och 'k meen den "School met den Bijbel" is bijna gereed. Naar de ruimte te oordelen is de verwachting van de stichters dezer school niet zoo buitengewoon groot. En wanneer dan ook de rechtbank uitspraak gedaan zal hebben, nu de beslissing van den Hoogen Raad ten nadeele van de doleerenden is gevallen, zal het doleerénde kuddeke allengs inkrimpen. Hier in Voorthuizen toch is bijna ieder gehecht aan de Nederlandsch Hervormde Kerk; de kerk waar ouders en voorouders gedoopt zijn en gebeden hebben; de kerk waaronder vele vromen hunne bekeeringsgeschiedenis hebben doorleefd. En de waarachtige brave Christen, zoude hij zich nu van deze kerk afscheiden? 't Is moeilijk te gelooven en vandaar mijn verwachting dat het hoopje doleerenden klein zal zijn".

Op 1 7 september 1888 werd het nieuwe schoolgebouw geopend waarover "De Standaard" schreef: ,, Het is een eenvoudiq, maar vrolijk en net gebouw, dat de bouwlieden eer aan doet''.
Verscheidene sprekers voerden op deze dag het woord; Dr. Van den Bergh, Fabius, Van Löben Seis en de onderwijzers Van den Bergh uit Voorthuizen, Ouwehand uit Zwartebroek en Van der Waals uit Nijkerk deden hun zegje, waarna om twee uur de schoolkinderen werden onthaald en de zes aanwezige schoolbesturen van de gelegenheid gebruik maakten om een vergadering te houden.