,,DE RING" ,EEN VERLOREN PAREL ...

Aan het einde van de Kerkstraat, ter hoogte van de uitmonding op de Rubensstraat, lag tot de 17de april 1945 "De Ring". Het was een gedeelte van het dorp waar veel Voorthuizenaren met weemoed aan terugdenken. Van de op bijgaande oude prentbriefkaart afgebeelde panden is er maar één bewaard gebleven. De naam "De Ring" zou mogelijk ontleend kunnen zijn aan een herberg met die naam die op de plaats van of nabij de bakkerij van Volkers, later eigendom van A. Engelen, stond. Mocht dit waar zijn, dan heeft deze herberg vrij weinig te betekenen gehad, want in het lijstje van vergaderlokaliteiten van het bestuur van de Maalschap Voorthuizen, komen we deze naam niet tegen. Op de achtergrond is het oude schoolhuis zichtbaar, wat mogelijk daarvoor de oude kosterswoning is geweest. Niet zo verwonderlijk indien men bedenkt dat het ambt van koster vaak samen ging met dat van schoolmeester, voorzanger en doodgraver. In dit pand hebben de schoolhoofden Van Goor, Van Loon en Wiersma gewoond en rnlsschien ook al leden van de onderwijzersfamilie (en dus kosters enz.) Van Eem. Het ambt van onderwijzer bleef van 1659 tot 1817 in het geslacht der Van Eems.

Aan de linkerzijde een blok van drie kleine arbeiderswoningen, waarin onder andere Klaassen en de klompenmaker Brouwer hebben gewoond. In de klompenmakerij woonde van 18901894 Aalt van de Haar, wiens zoon Gerrit Jan van de Haar later fotograaf in Voorthuizen zou worden. Aan de rechterzijde stond achteraan, op de foto niet zichtbaar, de openbare school, later Hervormde school van Voorthuizen. Het was een met riet gedekt gebouw. In 1879 werd de school voor het eerst op deze plaats opgetrokken; voor die tijd waren de scholieren altijd in de toren van de kerk ondergebracht. Burgemeester Nairac deelt ons in zijn boekje "Nog een oud hoekje der Veluwe" mede dat het nieuwe gebouw f 22.000,- gekost had maar ,zij is dan ook een juweel'. Iets wat de doortrekkende landlopers van de dicht bij de school gebouwde "nor" beslist nooit gezegd zullen hebben!

Op 17 april 1945 kwam voor het dorp Barneveld de bevrijding, evenals voor het dorp Voorthuizen. Voor "De Ring" betekende deze dag echter het einde. De Canadezen die via Barneveld naar Voorthuizen oprukten kwamen onder Duits artillerievuur te liggen vanuit een bij "De Heihaas" te Putten ingerichte stelling. Op maandag 16 april, lag de Duitse staf nog in de Hervormde school. De Duitsers hadden de Prinsenkamp nog bezet en in de avond van die 16de april braken de gevechten rond Kerkstraat en Prinsenkamp in alle hevigheid los. 's Avonds om half tien werd de boerderij van Van Galen aan de Kerkstraat getroffen door een Canadese granaat en brandde af. Dit was de eerste boerderij die ten offer viel aan het oorlogsgeweld. De volgende dag brak in deze sektor de hel los. De Prinsenkamp, waar uiteindelijk 20 boerderijen in vlammen op zouden gaan, en de Kerkstraat met omgeving, kwamen onder een moorddadig artillerievuur te liggen.
Alle huizen van "De Ring" gingen op deze dag in vlammen op. Ook de Hervormde school werd in brand geschoten en moest na de bevrijding weer opnieuw worden opgebouwd.
Bij deze akties lieten een zestal personen het leven, te weten de uit vijf personen bestaande familie Stomphorst en nog een onderduiker uit Harderwijk, de heer W. Bannink.

Voorthuizen was bevrijd maar moest deze vrijheid duur kopen; burgerslachtoffers en grote materiële schade waren de prijs voor de herwonnen vrijheid.
Na de oorlog heeft men nimmer gepoogd "De Ring" terug te brengen in de staat waarin zij voor de oorlog verkeerde. Misschien is het wel goed zo want daardoor zouden die gruwelijke laatste oorlogsdagen voor sommige mensen steeds weer een schrijnende herinnering zijn gebleven. 

Het monument voor de gevallenen aan de Kerkstraat is - misschien zonder dat veel Voorthuizenaren het beseffen-juist dáár bijzonder goed op z'n plaats.